Educatie

Onder de strategie ‘educatie’ verstaan we alle initiatieven die de school neemt om leerinhouden – kennis, vaardigheden en attitudes – over gezondheid actief aan te brengen. Dat kan op uiteenlopende manieren. Denk maar aan lessen, klasgesprekken, affiches, een theatervoorstelling of een gezondheidsdag. Ook nascholingen voor het personeel en infomomenten voor ouders vallen onder deze strategie.

Gezondheidseducatie op school

Sommige vakken hebben vakgebonden eindtermen rond een of meerdere gezondheidsthema’s. Maar gezondheid is bovenal een vakoverschrijdend thema. Bepaal samen met het schoolteam wie wanneer welke lessen geeft rond een gezondheidsthema. De leerlijnen rond de gezondheidsthema’s kunnen je hierbij vast helpen. 

Omgevingsinterventies

De strategie ‘omgevingsinterventies’ omvat aanpassingen in de fysieke of sociale schoolomgeving. Die veranderingen maken van de gezonde keuze de meest voor de hand liggende keuze. 

Wat verstaan we onder de fysieke schoolomgeving?

De fysieke schoolomgeving omvat:

  • de schoolinfrastructuur en -inrichting (bv. inrichting van de speelplaats in functie van bewegen)
  • het aanbod op school (bv. evenwichtig aanbod dranken en tussendoortjes, loopfietsen voor kleuters of bewegingsactiviteiten tijdens de middagpauze)

Hoe de fysieke schoolomgeving is ingericht, spreekt boekdelen over de boodschappen die de school wil uitdragen omtrent gezondheid. Soms spreken die boodschappen de gezondheidsaanbevelingen die in de lessen worden gegeven tegen. Stel jezelf daarom regelmatig de vraag of je fysieke schoolomgeving geen verkeerde signalen uitzendt. Enkele voorbeelden: 

  • Komt de inhoud van de automaat op de speelplaats overeen met de boodschap in de lessen over gezonde voeding? 
  • Staat de aanwezigheid van urinoirs voor jongens niet in contrast met de gezondheidsaanbeveling om zittend te plassen?

Wat verstaan we onder de sociale schoolomgeving?

De sociale schoolomgeving omvat:

  • het schoolklimaat 
  • de voorbeeldfunctie van het schoolpersoneel

Het schoolklimaat moet motiverend werken voor het gezondheidsgedrag van leerlingen én personeel. Je kunt aan een beter schoolklimaat werken door je in te zetten voor veiligheid, respect, positieve communicatie en een motiverend klasklimaat.

Wat met de voorbeeldfunctie van het personeel?

Over de voorbeeldfunctie van het personeel lopen de meningen uiteen. Nemen leraren wel voldoende deel aan de sportactiviteiten? Eten ze zelf voldoende fruit? En mogen zij dan wél roken? Ook binnen de sociale schoolomgeving worden heel wat (leer)boodschappen gegeven over gezondheid. Wees je als leraar ervan bewust dat leerlingen je gedrag bestuderen en soms ook kopiëren.

Afspraken en regels

Onder de strategie ‘afspraken en regels’ verstaan we:

  • afspraken of regels in het school- en arbeidsreglement, zoals welke snacks de leerlingen mogen meebrengen, maar ook informelere afspraken, zoals een individuele leraar die leerlingen toelaat om water te drinken tijdens de les;
  • wetgeving, zoals een rookverbod op school;
  • de juiste randvoorwaarden, zoals voldoende mankracht en budget.

Afspraken opstellen: enkele tips

Juist gekozen afspraken hebben een positieve invloed op het gezondheidsgedrag van de leerlingen van je school. Daarom geven we je nog graag enkele nuttige tips mee.

  • Zoek een evenwicht tussen beperkende afspraken, zoals verbod op frisdranken, en stimulerende afspraken, zoals water drinken tijdens de les.
  • Neem de gezondheidsaanbeveling als basis. Bijvoorbeeld: water drinken tijdens de les is toegelaten, omdat de aanbeveling zegt dat je de hele dag door water moet kunnen drinken. 
  • Denk samen met het schoolteam na over jullie reactie op overtredingen. Het is ontzettend belangrijk dat alle leraren op dezelfde lijn zitten. Het is bijvoorbeeld inefficiënt als leraar A een rokende leerling vraagt om de sigaret weg te steken, terwijl leraar B hem meteen doorverwijst naar de directie. 

Zorg en begeleiding

Binnen deze strategie denk je als school na over de zorg en begeleiding die jullie aanreiken aan leerlingen met (vermoedelijke) gezondheidsproblemen. Samen met het CLB maak je duidelijke afspraken over hoe je het best problemen signaleert en detecteert, en leerlingen begeleidt en eventueel doorverwijst. De afspraken die je maakt, neem je op in de afsprakennota of de bijzondere bepalingen van je school.

Het gezondheidsbeleid beperkt zich tot zorg en begeleiding gerelateerd aan gezondheidsthema’s. Zorg voor leerlingen met bijvoorbeeld leerproblemen of leerstoornissen valt hier niet onder. Dit vormt een onderdeel van het ruimer beleid leerlingenbegeleiding.  

Onder de strategie ‘Zorg en begeleiding’ verstaan we dus alle activiteiten die jouw school en haar onderwijspartners ondernemen met als doel:

  • tijdig op te merken wanneer het met een leerling niet goed gaat – vroegdetectie.
  • leerlingen met een gezondheidsprobleem optimaal te laten participeren op school via vroeginterventie of – indien nodig – een doelgericht begeleidingstraject.

Problemen tijdig detecteren

Hoe vroeger je gezondheidsproblemen bij leerlingen opspoort, hoe meer kans ze hebben om ervan af te raken. Het CLB is getraind om symptomen op te sporen, maar ook als leraar kun je je steentje bijdragen.

Leraren en zorgcoördinatoren

Leraren zijn experts in lesgeven, maar worden niet meteen verwacht gezondheidsproblemen te herkennen. Toch kunnen veranderingen in het gedrag of de schoolresultaten van een leerling al een belletje doen rinkelen. Als je bijvoorbeeld merkt dat een leerling zich van de groep isoleert, ongepast gedrag vertoont, niet meer deelneemt aan schoolactiviteiten of slechter presteert, kun je het best hulp inschakelen. Overleg met de zorgcoördinator of leerlingenbegeleider hoe je het probleem met de leerling of de ouders zult bespreken, haal het aan op de klassenraad of betrek het CLB.

Het CLB

Tijdens systematische contactmomenten detecteren CLB’s risicofactoren en vangen ze signalen en symptomen van gezondheids- en ontwikkelingsproblemen op. Dat contact levert hen zinvolle informatie op, waarmee ze prioriteiten voor het gezondheidsbeleid mee kunnen bepalen. 

Optimaal participeren op school

Ook leerlingen met gezondheidsproblemen willen én moeten zo normaal mogelijk functioneren op school. Maar wat heeft een leerling met bijvoorbeeld muco of diabetes of een leerling die terugkeert na een ziekenhuisopname nodig om optimaal te participeren op school? Hoe kunnen de klas en de school ondersteuning bieden? Het is aan de school en het CLB om samen met de ouders en de leerling op zoek te gaan naar de best mogelijke oplossing. Neem duidelijke maatregelen die aansluiten bij de visie van de school op inclusie en integratie van leerlingen met een gezondheidsprobleem. 

Andere projecten

De strategie zorg en begeleiding gaat om meer dan de noden van een individuele leerling. Ook de noden van een klas- of schoolgroep verdienen de nodige aandacht. Hoe ga je bijvoorbeeld om met pestproblematiek in de klas? Geef zulke onderwerpen gerust een plaats in deze strategie. 

Verder vormen ook begeleidingstrajecten waarop leerlingen vrijblijvend kunnen intekenen een interessante piste. Organiseer vanuit de school bijvoorbeeld een vrijwillige rookstopcursus.