Bouwblok jezelf kunnen zijn

Als je in dit bouwblok de vragen ‘wat wil je nog bereiken?’ en ‘wat motiveert je?’ ziet staan, dan gaat het over doelen stellen voor jezelf. Door te werken aan persoonlijke en haalbare doelen en vooruitgang te zien, voelen leerlingen zich beter in hun vel. De zelfreflectie die hieraan vooraf gaat is erg belangrijk en geeft zelfinzichten en zelfkennis: waarom vind ik dat zo belangrijk? Wat wil dat zeggen?

Weten is (vaak) echter niet genoeg: het gaat over het doen.

Hoe kunnen je leerlingen, ook al vergt het moeite, tijd, energie, frustraties … toch hun doelen nastreven? WOOP & GRIT weten raad!

Meer weten over 'jezelf kunnen zijn?

WOOP

WOOP staat voor Wens - Opbrengst - Obstakel - Plan en is een mentale strategie die kan helpen om voor je wensen en doelen te gaan.
Bewust stilstaan bij de 4 stappen van WOOP kan de motivatie op een eenvoudige manier verhogen, waardoor je leerlingen een sterk, haalbaar plan maken voor de toekomst en er echt sprake kan zijn van gedragsverandering!
Belangrijk is dat het om doelen gaat die leerlingen zelf echt belangrijk vinden (en niet de doelen die anderen voor hen stellen).

Let op: de volgorde van het denkproces is wel degelijk van belang! POWO klinkt misschien ook wel leuk, maar het is dus cruciaal om effectief te starten met de wens, over te gaan naar opbrengsten en obstakels, en te eindigen bij een helder plan.

Positieve School (www.depositieveschool.nl) bundelde alle info en instructies op een helder werkblad.
Een andere, meer visueel uitgewerkte variant, vind je hier.

WOOP in de klas

De methodiek zelf is redelijk eenvoudig, maar je plant best voldoende tijd in wanneer je met WOOP aan de slag gaat in je klas. Maak er een WOOP-lesmoment van en zorg dat iedereen mee is met het verhaal.
Informeer jezelf dus voldoende door bijvoorbeeld naar dit filmpje te kijken en ook enkele keren voor jezelf te WOOP’en.

Eén-op-één WOOP’en

Eens je de basis onder de knie hebt, kan je WOOP ook buiten de expliciete momentjes inzetten. Merk je bijvoorbeeld dat een leerling wel érg optimistisch is over een bepaalde taak of doelstelling? Nodig hem/haar dan eens uit om te WOOP’en en stil te staan bij waarom het doel zo waardevol is en wat -het optimisme ten spijt- toch een struikelblok kan zijn. Als het dan toch wat blijkt tegen te zitten, heeft hij/zij alvast een plan!
Omgekeerd kan ook: blijft een leerling hangen in twijfels en angsten, dan kan WOOP helpen om zicht te krijgen op mogelijkheden en geeft het plan wat houvast.

Faciliteer het proces

Laat je leerlingen zeker zélf nadenken en leg hen niets in de mond. Je kan hun denkproces wel faciliteren, maar geeft best dus niet te veel eigen richting aan.

Door er regelmatig op terug te komen en de methode zo levendig te houden, leren je leerlingen het ook écht zelf toe te passen. De app kan hen hier eventueel bij helpen.

De WOOP app

Woop woop! Goed nieuws voor de liefhebbers van technologie: WOOP bestaat ook in app- en online vorm. Je vind ‘m hier, samen met een hele hoop uitleg en filmpjes.

    Grit

    Nog zo’n vreemd woord … Deze keer is het geen afkorting of acroniem, maar mag je het op zijn Engels lezen. Vertaald naar het Nederlands gaat het over ‘vastberadenheid’ of een combinatie van ‘passie’ en ‘volharden’. We houden het hier dus bij het korte ‘grit’.

    Grit gaat over het vermogen en de wens om door te kunnen zetten bij een moeilijke taak. Je kan het dus zien als het antwoord op de vraag: wat maakt dat leerlingen hun doelen wel of niet (proberen te) behalen, ook al loopt dit niet zo makkelijk?

    Het concept hangt dus voor een stukje samen met WOOP (welke obstakels zijn er? Vind ik het belangrijk genoeg om door te zetten?) en een growth mindset (geloof ik in mijn mogelijkheden om te groeien? Horen fouten maken gewoon bij het leerproces?).

    De mate van ‘grit’ bepaalt dus voor een groot stuk of een leerling zal afhaken bij tegenslag en wanneer het wat moeilijker wordt.

    Passie speelt hier een grote rol in: dingen doen omdat je je erin verliest (in de flow geraakt), omdat ze passen bij wie je wil zijn.

    Grit stimuleren

    Wat kan je als leerkracht doen?

    • Practice what you preach: incorporeer je eigen passies in je lesgeven én geef les met passie. Dat is aanstekelijk! Durf aan te geven dat ook bij jou niet altijd alles van een leien dakje loopt, maar dat je het wel de moeite waard vindt om door te zetten.
    • Heb aandacht voor ‘grit’ en benoem het wanneer je het ziet. Prijs een leerling niet enkel voor een goed antwoord, maar ook voor het proces richting dat antwoord (ook al is dat antwoord niet helemaal juist): “Amai, je hebt écht hard gezocht en nagedacht. Ferm!”.
    • Help leerlingen omgaan met frustraties. Op zich is er weinig mis met gefrustreerd raken. Het wordt pas jammer wanneer die frustratie ons belemmert om door te doen met hetgeen we eigenlijk willen doen. Je kan manieren aanreiken om te leren omgaan met frustraties, zoals mindfulness, ontspannende ademhaling, op tijd een pauze inlassen …
    • Preach what you practice: de taal die we hanteren zegt veel over hoe we naar onszelf kijken. Hetzelfde geldt voor de taal die we over onszelf horen. Krijgen we steeds over onszelf te horen hoe slim we wel niet zijn, dan krijgen we eigenlijk de boodschap dat er niet meer gewerkt moet worden. Wanneer er iets dan niet lukt, lopen we vast, geraken we gefrustreerd en haken we af. Idem dito met de omgekeerde boodschap: ik ben dom, dus er is niets aan te doen.
      Gebruik dus taal die het denk-, leer- en doorzettingsproces bekrachtigt: “Het was niet evident, maar je hebt ervoor geknokt”.
    • Moedig nieuwsgierigheid aan en laat je leerlingen (soms) worstelen: grijp niet te snel in wanneer een oefening niet lijkt te lukken, maar moedig een nieuwsgierige houding aan: “Hoe zou het in mekaar zitten, ik ben benieuwd?!” en zet de leerlingen aan tot zelf nadenken. Opnieuw: het is het proces dat telt!
    • Schakel idolen in: denk samen na over mensen naar wie je leerlingen opkijken. Hoe vertonen zij ‘grit’?
    WOOP