Het rookbeleid op school heeft een groter effect als een aantal randvoorwaarden wordt voldaan. Wat geeft het rookbeleid op jouw school meer kans op slagen? We onderscheiden enkele succesfactoren, zoals het actief betrekken van leerlingen en hun ouders en samenwerking met externe partners. Benieuwd naar de andere cruciale factoren? Ontdek ze allemaal in het spinnenweb gezondheidsbeleid!

Betrokkenheid en participatie van ouders, leerlingen en personeel

Een breed draagvlak levert voor het rookbeleid op jouw school meer resultaat op. Ervoor zorgen dat verschillende actoren in (en rond) de school inspraak krijgen in het rookbeleid en een concrete taak krijgen binnen een actie, creëert een gevoel van mede-eigenaarschap.

Vanuit dit engagement nemen de betrokkenen ook sneller hun verantwoordelijkheden op wat betreft het naleven van het rookverbod, opvolgen van procedures en integreren van leerinhouden tabak in de vakken.

Regelmatig op de agenda 

Het rookbeleid verschijnt best regelmatig (bijvoorbeeld elk trimester) op de agenda van de personeelsvergadering. Daarnaast kan het thema tabak opgenomen worden in de verschillende vakwerkgroepen. 

Afspraken over taken

Spreek de taken duidelijk af (wie doet wat). Onduidelijke verantwoordelijkheden en een gebrek aan erkenning kunnen een bedreiging betekenen voor de goede werking.

Eigen werking op school

Ook de schoolraad, de ouderraad en de leerlingenraad kunnen hierin een rol spelen. Werken rond het thema tabak op school wordt sterk bepaald door de wetgeving over roken waarmee je rekening moet houden. Maar binnen deze grenzen is er nog heel wat ruimte om een schoolspecifieke werking op te zetten.

Luisteren naar de mening van leerlingen, personeel en ouders kan verfrissende ideeën opleveren over hoe bijvoorbeeld met de overtredingen van de wetgeving kan omgegaan worden op school.

Rol van directie 

De rol die de directie opneemt, mag ook niet onderschat worden. De directie is immers een belangrijke motivator. Het beleidsproces bewaken en mee richting geven is een extra stimulans voor de betrokken leden van het schoolteam die vaak vrijwillig acties binnen het rookbeleid opzetten. Bovendien is de directie een sleutelfiguur als bijvoorbeeld afspraken op school niet worden nageleefd en je hierop moet reageren

Evidence-based werken

Als je een gezondheidsbeleid uitbouwt, moet je zowel in de stap ‘beginsituatie in kaart brengen’ als de stap ‘evalueren en bijsturen’ enkele gegevens verzamelen en analyseren. Om de kwaliteit van het rookbeleid op te volgen, voorzie je het best zowel een monitoring tijdens de acties als een evaluatie achteraf. Info en hulp vind je in de indicatorenbevraging .

Meer weten over evidence-based werken?

Deskundigheid

Voor de uitbouw van een kwaliteitsvol rookbeleid maak je als school gebruik van de deskundigheid in het team. Werken aan het rookbeleid op school houdt meer in dan een affiche ophangen met daarop ‘verboden te roken’. Zowel de educatie als de reglementering moeten stapsgewijs uitgewerkt worden en ook een aanbod van rookstopondersteuning is noodzakelijk.

Deskundigheid bevorderen

Je kan werken aan deskundigheidsbevordering via aanwervingen, nascholingen, deelname aan ervaringsuitwisselingen (vb. met andere scholen). Nascholing van één of meerdere personeelsleden zorgt voor extra expertise in huis waardoor de kwaliteit van het beleid meer gegarandeerd kan worden. Maar ook de samenwerking met schoolnabije en externe partners kan expertise in de school brengen.

Deskundigheid verspreiden

Daarnaast heb je best ook aandacht voor het verspreiden van deskundigheid binnen het team. Hiervoor kan je interne infosessies, ervaringsuitwisselingen of intervisies organiseren tijdens personeelsvergaderingen of bijeenkomsten van de vakwerkgroepen.

In de praktijk

  1. Coördinator/verantwoordelijke geeft een overzicht van de mogelijke nascholingen rond het thema tabak.
  2. Nagaan welke leraar het dichtst bij het onderwerp van de vorming staat en zich kan vrijmaken voor de nascholing.
  3. Degene die de bijscholing volgt deelt de info tijdens bestaande (relevante) overlegmomenten (personeelsvergadering/werkgroep/…). Zo blijft de expertise zeker in huis als er een personeelswissel is.