Als je dit leest, wil je waarschijnlijk werk maken van een gezondheidsbeleid in jouw organisatie. Fantastisch! Voor je in je leefgroep, achter je bureau of in je vrije tijd aan het bedenken en organiseren slaat, wat wijze raad: het is erg belangrijk om draagvlak te creëren. Door van meet af aan iedereen mee te krijgen en dat draagvlak te verbreden, krijg je zoveel meer gedaan!

1. Kijken hoe diep het water is

Luister naar voor wie het gezondheidsbeleid is bedoeld, met wie je het wil mogelijk maken en van wie je de nodige middelen kunt krijgen om dat gezondheidsbeleid up and running te maken. Als er draagvlak is bij zowel de directie, het team, de gasten als de ouders, heeft je gezondheidsbeleid écht kans op slagen.

Kom je niet dagelijks in contact met de kinderen, jongeren en gezinnen? Zoek manieren zodat ze hun mening en ideeën kunnen uiten. Meer hierover onder succesfactor participatie en werkgroep. Ga er niet vanuit, ook als je elkaar dagelijks ziet, dat je op de hoogte bent van hoe een kind, medewerker … staat tegenover een gezondheids-, voedings- of rookbeleid.

Wanneer je oprecht luistert, komen naast erg veel motivatie ook vragen, bezorgdheden en weerstand naar boven komen. Hier vind je meer informatie over hoe je met die bezorgdheden om kan gaan.

Sprokkel ook ideeën over hoe jullie zich willen organiseren. Een werkgroep met aanvullend andere participatiemogelijkheden? De bedoeling is dat professionals, vrijwilligers en de kinderen betrokken worden op een manier die voor hen goed aanvoelt. Hun betrokkenheid vergroot de kans op slagen.

2. Iedereen betrokken

Overtuigde directie en beleidsmedewerkers zijn een enorme meerwaarde. Ze zijn nodig om organisatiebreed te werken, kunnen tijd en middelen voorzien om veranderingen door te voeren ... Is dit, ondanks alle argumenten, niet gelukt? Staan er weinig of geen middelen tegenover? Wanhoop niet. Ook in jouw leefgroep kan je werken aan een gezondheidsbeleid met de middelen die je hebt. Neem een kijkje tussen de inspirerende praktijken.

Geëngageerde collega’s, vrijwilligers, kinderen en hun context zijn goud waard. Hun enthousiasme kan blikken verruimen, twijfelaars over de streep trekken … Een gezondheidsbeleid leeft niet op papier, maar in de groep. Het komt tot uiting in jullie frigo, de slaapkamers, living, dagbesteding en alle momenten daartussen.

3. Met dezelfde bril kijken

Het is noodzakelijk dat alle functies die bij de werkgroep betrokken zijn, op eenzelfde lijn staan rond het toekomstig beleid dat op poten gezet wordt.”
coördinator, OOOC

Bespreek binnen en buiten de werkgroep wat onder een kwaliteitsvol gezondheidsbeleid verstaan wordt, zodat iedereen het doel duidelijk voor ogen heeft. Dat betekent dat jullie van in het begin met dezelfde bril kijken naar de werking rond gezondheid, het bredere kader hierrond en waarom jullie aan gezondheid willen werken.

Wees je ervan bewust dat iemand mogelijk andere opvattingen heeft over gezondheid en gezond leven, en anders kan reageren op voorstellen en acties binnen het gezondheidsbeleid. Geef iedereen de kans z’n opvattingen te formuleren en deze met elkaar te bespreken.

Het is belangrijk om met ouders, jongeren, collega’s … in gesprek te gaan. Leer hun visie en beleving kennen en speel daarop in bij het uitrollen van het gezondheidsbeleid. Kies één of twee inleidende oefeningen die het best aansluiten bij de werkgroep. Voorbeelden van oefeningen zijn: ‘Wat betekent gezondheid voor jou?’, Bewegend Stellingenspel en Determinant-o-logie.

“Deze oefening hielp om het onderwerp gezondheid meer te kunnen aanvoelen.”
werkgroeplid, OOOC
“Bij deze oefening heb je direct een zicht op de verschillende kijk van mensen op gezondheid.”
werkgroep lid, OVBJ

Andere opvattingen hoeven niets te maken te hebben met de culturele achtergrond, maar het kan wel. Behoed je voor het risico op overculturaliseren. Niet alle gedragsverschillen kunnen aan een culturele achtergrond toegeschreven worden. De verschillen binnen een etniciteit zijn bovendien even divers als die binnen de 'Vlaamse cultuur'. Het is altijd goed om eerst en vooral eigen vanzelfsprekendheden rond gezondheid en ziekte in vraag te stellen en open te staan voor de beleving van de ander. Deze attitude heeft een sterkere impact dan kennis over andere etnische en/of sociale groepen en de gezondheidsaspecten daarin.

Goed begonnen, is half gewonnen. In deze eerste stap zijn een aantal factoren van cruciaal belang. Goed leiderschap toon je van bij het begin, binnen en buiten de werkgroep, en wordt door iedereen aanvaard. Start ook met een goede communicatie. Jullie visie zal hier de toon zetten, en de samenwerking biedt handen en hoofden om die uit te werken.

Check of je deze stap goed doorlopen hebt:

  • Is de organisatie (dwz medewerkers, vrijwilligers, gasten en context) gemotiveerd rond preventieve gezondheid?
  • Is er een gedeelde visie over de aanpak, thema’s en de weg naar ideale werkwijze?
  • Zijn de participatiemogelijkheden om een preventief gezondheidsbeleid samen uit te werken opgestart?
  • Is er een eerste ruwe schets van de huidige problemen en kansen?
  • Is er procesbegeleiding gekozen om het proces op te volgen met mandaat vanuit de hele organisatie?