Energie 4x
We tanken energie

Klop-klop!

Veel handen, één winnaar

De leerlingen leren

  • ... ontdekken welke ervaringen energie geven.
  • ... energie halen uit hun interesses en nieuwsgierigheid.
  • ... een evenwicht bewaken tussen energiegevers en -nemers.

Duiding

Met de methodiek ‘Klop-klop’ breng je energie en plezier in de klas via een actief spel. Wie klopt op tijd, wie klopt verkeerd en wie klopt zich naar de eerste plaats? Schaterlachen verzekerd!

Duur

15 min - 30 min

Aard

Beleven

Doelgroep

Secundair onderwijs | speciaal voor BuSO

Werkwijze / stappenplan / omschrijving

1

Bereid de klas voor

Deel je lokaal zo in dat je leerlingen in een kring op de grond kunnen zitten.

Tip: je kan de leerlingen ook aan de bank laten zitten. Dan moet je de banken wel in een cirkel plaatsen en tijdens het spel regelmatig een bank weghalen om de cirkel te verkleinen.

2

Een kring van handen

Vraag je leerlingen om in een cirkel te gaan zitten. Toon samen met twee leerlingen wat ze met hun handen moeten doen:

  • Je legt je linkerhand aan de linkerzijde, over (of onder) de arm van je buur.
  • Hetzelfde doe je met je rechterhand: iets meer naar rechts leggen, over (of onder) de arm van je buur.
  • De twee leerlingen doen hetzelfde.
  • Als je nu naar je handen kijkt, zou je dus het volgende moeten zien:
    • Eerst je eigen linkerhand.
    • Dan de rechterhand van je linkerbuur.
    • Dan de linkerhand van je rechterbuur.
    • En dan jouw rechterhand.

Tip: je kan ook deze illustratie gebruiken om visueel te tonen wat je wilt doen.

3

Klop!

Heeft iedereen de handen in de juiste positie? Dan zijn we vertrokken. Eén leerling begint met kloppen. Er wordt nu om de beurt geklopt in wijzerzin. Let goed op: de handen liggen door elkaar. Klop dus pas als het echt jouw beurt is.

Doe een oefenrondje om te kijken of iedereen het spel begrijpt. Hier mag je de leerlingen zeker nog helpen om op het juiste moment te kloppen.

4

Klop-klop!

Begrijpt iedereen hoe het werkt? Dan voegen we er nog een uitdaging aan toe. Telkens wanneer iemand twee keer klopt, moet je van richting veranderen. En jawel: iedereen kan op elk moment twee keer kloppen.

Doe opnieuw een oefenrondje. Daarna kan het spel écht beginnen. Want elke hand die verkeerd klopt, valt af. De cirkel wordt kleiner en kleiner tot er maar twee spelers overblijven. En de winnaar is…

5

Reflectie

Wanneer de adrenaline is gezakt en iedereen terug op zijn plaats zit, kan je kort even terugblikken op de oefening.

  • Vonden de leerlingen het spel makkelijk of moeilijk?
  • Welke gevoelens hebben ze doorheen het spel ervaren? (vreugde, frustratie, verwarring, motivatie, ...)
  • Hoe gefocust waren ze op hun handen?
  • Hebben ze tijdens het spel nog aan iets anders kunnen denken?

Leg uit aan je leerlingen dat een spel zoals dit perfect is om je af te leiden. Je kan niet denken aan je kopzorgen, want je hebt alleen maar ‘klopzorgen’: wanneer moet je kloppen, en met welk hand?

De grote tip aan je leerlingen is dus: als je vastzit in je gepieker, ga dan op zoek naar een activiteit die even al je aandacht vraagt. De kans is groot dat je daarna met een frissere blik naar je obstakels kan kijken!

Varianten en verwanten

Dit actieve spel is ook te vinden tussen de werkvormen van de Ambrassade. “Hoor wie klopt daar” is volgens hen een goede methodiek om te energizen. En daar gaan wij helemaal mee akkoord!