De context/aspecten van de voedselomgeving die ons eetgedrag bepalen
Mensen bepalen hun gedrag niet alleen. Ook de context - meer bepaald: de omgeving waarin we leven - heeft een grote impact op de keuzes die we maken. Toegepast op eetgedrag wordt de term ‘voedselomgeving’ gebruikt. De voedselomgeving wordt door de High Level Panel of Experts on Nutrition and Food Security gedefinieerd als "de fysieke, economische, politieke en sociaal-culturele context waarin consumenten zich met het voedselsysteem bezighouden om hun beslissingen te nemen over het verwerven, bereiden en consumeren van voedsel".
In het rapport van de Universiteit Antwerpen, in opdracht van het Departement Omgeving ligt de nadruk vooral op fysieke actoren en omschrijft men de voedselomgeving als de voedingswaarde, voedselveiligheid, prijs, informatie en promotie van voeding in de omgeving waar het dagelijks leven van mensen zich afspeelt. Milieuverantwoorde en gezonde voedselomgevingen worden gekenmerkt door een goede bereikbaarheid, beschikbaarheid, betaalbaarheid en zichtbaarheid van gezonde en duurzame voeding, terwijl de keuze voor niet-duurzame en ongezonde voeding minder evident is en wordt afgeraden. Maar zoals eerder aangegeven hebben ook sociale en culturele aspecten hebben een belangrijke invloed op ons eetgedrag. Samengevat komt het er op neer dat een voedselomgeving de niet-individuele factoren bevat die de mogelijkheden en keuzes van mensen voor een bepaald voedingspatroon beïnvloeden.
Individueel kiezen voor gezonde en milieuverantwoorde voeding, kan alleen in een ondersteunende omgeving die de juiste keuzes stimuleert en evident maakt en/of een omgeving die 'foute' keuzes ontmoedigt en/of minder evident maakt. Het is vooral de interactie tussen individuele factoren en omgevingsfactoren die voedselkeuzes en gezonde eetgewoontes beïnvloedt.
Volgens het Gedragswiel zijn er vier soorten factoren die ons gedrag kunnen beïnvloeden binnen de context/omgeving: 1/fysieke factoren, 2/sociaal-culturele factoren, 3/economische factoren en 4/politieke factoren.
Om gericht te kunnen ingrijpen in de voedselomgeving, loont het om deze meer in detail te beschrijven. Het luik ‘context’ van het Gedragswiel valt verder op te delen in vier aspecten: fysiek, sociaal, politiek en economisch. Deze kunnen allevier benaderd worden op drie verschillende niveaus, volgens het ANGELO FRAMEWORK (analysis grid for environments linked to obesity): van microcontext (gezin, familie, vrienden) over mesocontext (concrete groep of setting zoals school, kinderopvang, buurt, werk, sportclub, vereniging, …) tot macrocontext (ruimere maatschappij en systemen zoals transport, industrie, overheid, …). Tabel 1 illustreert een aantal voorbeelden van verschillende soorten omgevingsinvloeden op het eetgedrag, volgens de niveaus van het ANGELO FRAMEWORK.
In wat volgt worden de vier beïnvloedende factoren binnen een voedselomgeving meer in detail toegelicht, met voorbeelden binnen de verschillende niveaus. Onderzoek naar voedselomgevingen is tot nu toe vooral gefocust op gezondheid. Zoals de onderbouwing van de voedingsdriehoek voor milieu-aspecten laat zien, gaan een gezond en milieuverantwoord voedingspatroon grotendeels hand in hand. Om onderzoeksresultaten correct te citeren wordt in deze tekst soms enkel over gezonde voedingspatronen gesproken, maar kan ervan uitgegaan worden dat dit eveneens een (positief of negatief) effect op milieuvlak met zich meebrengt.
| Fysieke omgeving | Sociaal-culturele omgeving | Economische omgeving | Politieke omgeving | |
| Microniveau (gezin, familie, vrienden) | Beschikbare voeding thuis (bv. fruit hebben, verse maaltijden bereiden, beschikken over een moestuin, …) Beschikbare apparatuur om thuis een maaltijd te bereiden (bv. keukenrobot, kookpotten, …) Toegankelijkheid van het aanbod thuis (bv. fruit op het aanrecht, inrichting van de koelkast, …) | Gezinsgewoonten en opvattingen rond voeding § (Religieuze) gewoonten van de familie (bv. kerstmaal, deelname ramadan, bij een feest hoort taart, …) Voorbeeldrol van ouders/ broers/zussen/vrienden | Gezinsinkomen ter beschikking voor voeding | Regels binnen het gezin rond bv. water drinken, snoepen, frisdrank, … |
Mesoniveau (concrete groep of setting zoals school, kinderopvang, werkplaats, …) | Aanbod van gezonde voeding op school, in de kinderopvang, op het werk, in de naschoolse kinderopvang, in sportclubs, op evenementen, … Aanwezigheid van automaten met snoep en frisdrank op het werk, in het station, op school, … Manier waarop gezonde vs. ongezonde voeding gepresenteerd wordt, bv. in een supermarkt Geserveerde porties in de schoolkantine of op restaurant Bereikbaarheid van supermarkten Clustering van broodjeszaken in de buurt van een school | Sociale norm op het werk rond gezonde lunch of trakteren bij verjaardagen Aandacht voor koosjer eten in de schoolkantine | Prijs gezonde lunch op het werk Promoties voor gezonde voeding in de supermarkt | Afspraken op school rond het meebrengen van koekjes en energiedrankjes |
| Macroniveau (ruimere maatschappij en systemen zoals transport, industrie, overheid, …) | Aanbod van gezonde sociale voedselvoorzieningen en voedselbedelingen Beschikbaarheid van richtlijnen rond gezonde voeding vanuit de overheid (bv. schoolmaaltijdengids) Leerlijn voeding voor de Vlaamse eindtermen Beschikbaarheid van een door de overheid gesteund Belgisch ‘front of pack’-label (bv. Nutriscore) | Sociaal/cultureel bepaalde schoonheidsidealen (bv. minder/anders eten om slank te zijn) | Taksen op ongezonde voeding en subsidies voor gezonde voeding Subsidies voor gratis of goedkopere gezonde schoolmaaltijden | Regelgeving rond kindermarketing
Wetgeving rond verpakkingen (bv. grootte van blikjes energiedrank, ‘front of pack’-labels, gezondheidsclaims, …) Nadruk op individuele verantwoordelijkheid bij neoliberalisme |