Sociaal-emotionele context | 3de graad SO
Voeding
Voeding en sociale, emotionele & culturele context
Secundair onderwijs
Eindtermen
ET Aard 11 Leerlingen kunnen zowel verschuivingen van industrie of tertiaire activiteiten als demografische migraties met
voorbeelden illustreren en dit in verband brengen met sociaal-economische of politieke factoren (3de graad – A
stroom)
ET NW 1 Leerlingen kunnen eigen denkbeelden verwoorden en deze confronteren met denkbeelden van anderen, metingen, observaties, onderzoeksresultaten of wetenschappelijke inzichten (A stroom).
ET NW 2 Leerlingen kunnen vanuit een onderzoeksvraag een eigen hypothese of verwachting formuleren en relevante variabelen aangeven (A stroom)
Leerdoelen
Kennis
- Jongeren duiden een emotionele eetstijl aan en kunnen hier correct met omgaan
- Jongeren geven aan dat het zelfbeeld, zelfwaardering en/ of emotioneel welzijn een invloed kan hebben op het voedingspatroon
- Jongeren begrijpen de connectie tussen emotionele problemen en voeding
- Jongeren sommen tips en manieren op om te voorkomen dat stress en psychisch onwelzijn bijdraagt tot overconsumptie of eenzijdige consumptiepatronenµ
Vaardigheden & attitudes
- Jongeren bouwen aan een eigen ‘voedingsidentiteit’ door eigen voedselkeuzes te maken
- Jongeren nemen de verantwoordelijkheid voor hun eigen voedselkeuzes
- Jongeren gaan constructief om met groepsdruk
- Jongeren kunnen anderen overtuigen van gezonde voedingsgewoontes