Gezond Leven was erbij

18.12.2017

Gezond Leven houdt graag de vinger aan de pols.

Groeten uit Boedapest en Zagreb! 

Gezonde en voeding voor iedereen op een verantwoorde en duurzame manier

Op 4 en 5 december was Gezond Leven aanwezig op het symposium ‘Duurzame voedingssystemen voor gezonde voedingspatronen in Europa en Centraal Azië’ in Boedapest. Het symposium werd georganiseerd door de regionale afdelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en de FAO, de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties.

Duurzame ontwikkelingsdoelen

Komen tot een gezonde en adequate voeding voor iedereen op een verantwoorde en duurzame manier is één van de speerpunten van de Duurzame ontwikkelingsdoelen (SDGs) die de Verenigde Naties tegen 2030 wensen te behalen. Maar liefst 1 op 3 personen wereldwijd lijdt aan één of andere vorm van malnutritie, en als de huidige trend zich verder zet zou dit 1 op 2 kunnen worden tegen 2030. Terwijl honger en ondervoeding een probleem blijven, zien we de prevalentie van obesitas snel toenemen. Paradoxaal genoeg bestaan beide problemen steeds vaker naast elkaar in eenzelfde land of regio.

Huidig voedselsysteem veranderen De centrale vraag van deze bijeenkomst was dan ook hoe we het huidige voedselsysteem moeten en kunnen veranderen om malnutritie in al zijn vormen tegen te gaan. Een voedselsysteem is de verzameling van alle elementen en activiteiten die verbonden zijn met de productie, verwerking, distributie, bereiding en consumptie van voedsel, en het effect daarvan op socio-economisch vlak, op het milieu en op gezondheid. De 3 grote aanknopingspunten van een voedselsysteem zijn de productieketen (van boer tot bord), de voedselomgeving (toegang tot voedsel, informatie en marketing, sociale en culturele aspecten…) en het consumentengedrag.

De verschillende elementen worden schematisch voorgesteld in onderstaand model.

Model Who Voedingsmodel

Voorstelling nieuwe voedingsdriehoek

De aanwezigheid van internationale experten, vertegenwoordigers van de nationale overheden en diverse stakeholders bood een uniek platform voor uitwisseling van kennis, visies en ervaringen over die uiteenlopende aspecten van een voedingssysteem. Gezond Leven stelde op uitnodiging van de WHO de nieuwe Vlaamse voedingsdriehoek voor in een sessie over het aspect ‘educatie’.  Onze driehoek werd ook als case study opgenomen in het zopas gepubliceerde voortgangsrapport van de WHO over het voedingsbeleid in Europa.

HEPA Europe 2016: WHO wil beweging en meer samenwerking op de nationale agenda’s

Het netwerk van HEPA Europe (Health Enhancing Physical Activity) kwam midden november samen in Zagreb. Dit netwerk van beleidsorganisaties en wetenschappers pleit binnen de schoot van de Wereldgezondheidsorganisatie voor een betere gezondheid en een actieve leefstijl bij burgers in de Europese regio. Gezond Leven is als partnerorganisatie van de Vlaamse overheid lid van dit netwerk en heeft voor Vlaanderen de bijeenkomst bijgewoond. Deze hoofdvraag drong zich op: zijn we in Europa en Vlaanderen goed bezig qua beleid en onderzoek rond beweging? 

Beweging op internationale agenda

De Verenigde Naties hebben een goede gezondheid en welzijn opgenomen als 1 van de 17 na te streven doelen  voor een duurzame ontwikkeling tegen 2030. Binnen dit nieuwe doel heeft de WHO het mandaat gekregen om gezondheidsbevorderende beweging op de internationale agenda te plaatsen, naast de andere speerpunten als gezonde voeding, tabakspreventie en alcoholgebruik.

Met het speerpunt ‘beweging’ bedoelt de WHO beweging in zijn totaliteit: onderweg, in je vrije tijd incl. sport, op je werk, op school, thuis. De WHO dringt aan dat alle landen hiervoor doelstellingen zouden hebben, gekoppeld aan een nationaal actieplan in de praktijk, met verregaande samenwerking tussen verschillende ministers en beleidsdomeinen als voorwaarde.  De WHO is al begonnen om deze speerpunten te monitoren.     

100 miljoen extra fysiek actieve mensen tegen 2030

Fiona Bull, verantwoordelijke van de WHO, wees erop dat speerpunten zoals beweging wel een lichte groei kennen in Europa, maar de tekortkomingen voor een succesvol nationaal bewegingsbeleid blijven actueler dan ooit. Er blijft te weinig coördinatie tussen beleidsdomeinen, er is een kortetermijnvisie,…. De WHO werkt daarom aan een globaal actieplan. Tegen 2030 wil de WHO wereldwijd 100 miljoen extra fysiek actieve mensen. Europa inclusief België en haar regio’s zullen hiervoor gerichte inspanningen moeten leveren. 

Nationale actieplannen voor gezondheid en beweging in opmars

Zo is de tendens van nationale actieplannen voor gezondheid en beweging in een groeiend aantal Europese landen ingezet. Dit zijn plannen gekoppeld aan een concrete samenwerking tussen ministers van meerdere beleidsdomeinen (vaakst gezondheid als trekker), met gemeenschappelijke doelen, en dus met gezamenlijke budgetten en concrete initiatieven op korte én lange termijn. Landen zoals Ierland, Engeland en Portugal nemen alvast de vlucht vooruit. Gezamenlijke grote campagnes blijken voor ministers in andere landen alvast een dankbare en eerste belangrijke actie

Bewegen Op Verwijzing

Eén van de grootste succesverhalen voor het speerpunt bewegen is de formule waarbij de huisarts mensen doorverwijst naar een opgeleide coach die motiveert en een beweegplan op maat opmaakt. De coach moet hierbij kunnen terugvallen op een hechte netwerkalliantie van diverse sectoren, zeker om kwetsbare groepen voldoende te kunnen ondersteunen. Gezond Leven heeft in dit kader het Vlaamse project Bewegen Op Verwijzing voorgesteld. In Europa is de interesse voor dergelijke projecten groeiende. Er zijn immers heel wat landen waar men beweging in de gezondheidszorg wilt krijgen. 

Activity trackers

Gregory Welk, bewegingswetenschapper van Iowa State University, belichte zowel het potentieel als de beperkingen van de populaire activity trackers om beweging aan te moedigen. De laatste jaren zijn de commerciële activity trackers toegenomen in aantal en verkoop. Welk benadrukt dat deze commerciële activity trackers minder interessant zijn voor onderzoek wegens vragen bij de duurzaamheid en bij de beperkingen voor gedetailleerde gegevens. Wel blijken de foutenmarges bij de grotere merken van activity trackers verrassend aanvaardbaar voor het meten van matig en intensieve beweging, wat goed nieuws is voor de consument. 

Nadeel blijft wel de accuraatheid bij het meten van licht intensieve beweging. Dit jaar werd echter het nut van deze activity trackers in vraag gesteld in berichtgeving van de media op basis van één studie. Welk waarschuwde om het kind niet met het badwater weg te gooien. Niet zozeer de activity trackers waren ineffectief in deze studie (foute conclusie door media), het volwaardig gebruik ervan was eerder een probleem (bv. gemiddeld slechts 4 uren dragen per dag).

Gebruik activity trackers beter ondersteunen

We moeten als professional of organisatie dus de duur en het gebruik van activity trackers beter ondersteunen, bijvoorbeeld in de vorm van virtuele coaching of begeleiding door een professional, zoals bij de coaches van Bewegen Op Verwijzing. Onder dergelijke goede omstandigheden blijken de betere activity trackers wel effectief bij inactieve personen, en minder effectief bij de reeds actieven. Een belangrijke nuance dus.