Straffen
Meer info over deze techniek
Theoretische onderbouwing
De principes van straffen zijn geworteld in de operante conditionering van Skinner (1953). Volgens deze theorie is operante conditionering een leerproces waarbij gedrag wordt versterkt of verzwakt op basis van de consequenties die erop volgen: gedrag dat wordt bekrachtigd (iets aangenaam toevoegen of iets onaangenaam weglaten) zal vaker worden herhaald, terwijl gedrag dat wordt bestraft (iets onaangenaam toedienen of iets aangenaam weglaten) juist zal afnemen.
Volgens Kazdin (2012) en McSweeney & Murphy (2014) is straffen effectief als het gedrag en de consequentie duidelijk met elkaar in verband staan. Bovendien benadrukken ze dat straf minder effectief is op lange termijn als het niet wordt gecombineerd met positieve bekrachtiging van het gewenste gedrag.
Types straf
- Positieve straf betekent het toevoegen van een onaangenaam gevolg na ongewenst gedrag (bv. een boete of sociale afkeuring na drinken en rijden).
- Negatieve straf betekent het wegnemen van een aangename stimulus na ongewenst gedrag (bv. het intrekken van een privilege, zoals het intrekken van schermtijd bij kinderen na ongepast gedrag).
Vergelijkbare technieken
- Deconditionering: werkt ook op basis van de principes van operante conditionering, waarbij de beloning van ongewenst gedrag wordt weggelaten. Dit kan je vergelijken met een negatieve straf waarbij je iets aangenaam wegneemt.
Aanvullende technieken
- Bekrachtiging: het bestraffen van ongewenst gedrag kan gecombineerd worden met een positieve bekrachtiging van het gewenste gedrag, zodat de gedragsverandering nog meer wordt gefaciliteerd.
- Ook counterconditionering houdt een combinatie van deze twee technieken in, namelijk ongewenst gedrag afleren en een gezonder alternatief gedrag aanleren.
- Feedback: het geven van directe negatieve feedback kan ongewenst gedrag verminderen zonder de negatieve effecten van straf. Feedback kan ook aanvullend werken door telkens na het straffen ook toe te lichten waarom de straf werd toegediend.
Hoe pas je deze techniek toe?
Straffen wordt over het algemeen afgeraden vanwege de mogelijke neveneffecten, zoals weerstand, het oproepen van negatieve emoties of de noodzaak om de straf steeds te verzwaren om hetzelfde effect te bereiken. Toch kan straf in bepaalde situaties nuttig zijn, bijvoorbeeld wanneer ongewenst gedrag hardnekkig blijft terugkomen en andere methodes onvoldoende effect hebben.
In situaties waar het gedrag duidelijk een gevaar vormt voor de persoon zelf of anderen, zoals rijden onder invloed, kan straffen wel aangewezen zijn. Het is ook mogelijk om straffen in te bouwen in de omgeving, zonder dat er iemand nodig is om die straf toe te dienen. Denk bijvoorbeeld aan verkeersdrempels: als je te snel rijdt, kan dat schade aan je wagen veroorzaken. In zulke gevallen volgt de 'straf' automatisch uit het gedrag. In veel gevallen wordt echter verwezen naar straffen die door een persoon worden opgelegd.
Belangrijke richtlijnen bij straffen Open
Individueel – In groep Open
Inspirerende voorbeelden
Wetgeving rijden onder invloed
In België is rijden onder invloed van alcohol of drugs wettelijk verboden en streng gereguleerd. Voor alcohol geldt een wettelijke limiet van 0,5 promille (of 0,22 mg/l uitgeademde lucht) voor gewone bestuurders; voor beginnende bestuurders (minder dan 2 jaar rijbewijs) en beroepschauffeurs ligt die grens op 0,2 promille. Voor drugs geldt een nultolerantie: bij detectie van verboden stoffen zoals cannabis, cocaïne of amfetamines in het bloed volgen zware sancties. Wie de limieten overschrijdt, riskeert geldboetes, een rijverbod of zelfs intrekking van het rijbewijs.
Verkeersdrempels
Verkeersdrempels mogen in Vlaanderen op openbare wegen binnen de bebouwde kom worden aangelegd, of buiten de bebouwde kom als er een snelheidsbeperking geldt van 50 km/uur. Deze verkeersdrempels spelen rechtstreeks in op het snelheidsgedrag van de weggebruiker, door de bestuurders te verplichten af te remmen. Als men te snel over een verkeersdrempel rijdt, kan er schade aan de auto optreden. Verkeersdrempels vormen een voorbeeld van straffen door de omgeving aan te passen, zodanig dat ongepast gedrag automatisch wordt bestraft.
Opgroeien (Kind & Gezin):
een genuanceerde visie op straffen
Opgroeien, voorheen Kind en Gezin, hanteert een opvoedingsvisie gericht op het ondersteunen van de basisbehoeften van kinderen: autonomie, competentie en verbondenheid. Deze autonomie-ondersteunende aanpak stimuleert intrinsieke motivatie en ontwikkeling. Straffen en belonen worden kritisch bekeken omdat ze gebaseerd zijn op machtsverhoudingen en de eigen motivatie van het kind kunnen ondermijnen. In plaats daarvan moedigt Opgroeien ouders aan om samen te werken met hun kinderen, grenzen te stellen waar nodig (eventueel met proportionele straffen, gekoppeld aan positieve bekrachtiging en dialoog), en ruimte te geven aan emotionele ontlading. Deze aanpak bevordert vertrouwen en zelfsturing, en voorkomt gedragsproblemen.
#MeToo: seksueel grensoverschrijdend gedrag
De Me Too-beweging is een sterk voorbeeld van sociaal straffen. Door het publiekelijk aanklagen van grensoverschrijdend gedrag, zoals seksuele intimidatie en machtsmisbruik, ontstond er een sociale en culturele afwijzing van dit gedrag. Daders werden niet alleen juridisch, maar ook sociaal aangepakt: ze verloren hun maatschappelijke status, werk en reputatie. Dit sociaal straffen zorgde voor een duidelijke normverschuiving, waarbij grensoverschrijdend gedrag steeds minder wordt getolereerd en slachtoffers meer steun en erkenning krijgen. De sociale druk die uitging van Me Too heeft geleid tot structurele veranderingen in hoe machtsverhoudingen en seksueel gedrag binnen werk- en sociale contexten worden beoordeeld.
Referenties
- Kazdin, A. E. (2012). Behavior Modification in Applied Settings. Waveland Press.
- McSweeney, F. K., & Murphy, E. S. (2014). The Wiley Blackwell Handbook of Operant and Classical Conditioning. Wiley-Blackwell.
- Bartholomew Eldredge, L. K., Markham, C. M., Ruiter, R. A. C., Fernández, M. E., Kok, G., & Parcel, G. S. (2016). Planning Health Promotion Programs: An Intervention Mapping Approach
Auteur: Amaryllis Laenen en Sara Kindt (Howest) met medewerking van de werkgroep gedragsinzichten