Interpersoonlijk contact
Meer info over deze techniek
Stigma en discriminatie vormen belangrijke drempels voor gedragsverandering en gezondheidswinst. Voor gestigmatiseerde leden kan stigmatisering leiden tot vermijdingsgedrag (zoals het uitstellen of mijden van zorg), minder vertrouwen in zorgsystemen, lagere therapietrouw en minder bereidheid om gezond gedrag vol te houden. Ook kan stigma het zelfvertrouwen ondermijnen. Tegelijkertijd beïnvloeden stigma en impliciete vooroordelen het gedrag van de omgeving, waaronder zorgprofessionals. Negatieve attitudes of stereotypering kunnen ertoe leiden dat preventieve zorg minder vaak wordt aangeboden of van lagere kwaliteit is (Knaak, Mantler & Szeto, 2017). Hierdoor missen mensen kansen op een gezond leven, wat gezondheidsongelijkheden verder kan versterken.
Interpersoonlijk contact kan deze drempels verminderen. Door interactie tussen gestigmatiseerde leden en andere burgers of professionals kan uitsluiting en stigmatiserende communicatie afnemen, ontstaat een veiligere sociale omgeving en wordt ondersteunend gedrag gestimuleerd. Hierdoor ontstaan gunstigere voorwaarden voor gedragsverandering en gezondheidswinst. Interpersoonlijk contact wordt daarom beschouwd als een krachtige techniek binnen interventies die gericht zijn op het verminderen van stigma en discriminatie en het bevorderen van sociale cohesie en inclusie. De techniek wordt vaak toegepast in onderwijs-, zorg- en gemeenschapssettingen.
Theoretische onderbouwing
Interpersoonlijk contact vindt zijn oorsprong in theorieën over stigma en discriminatie, in het bijzonder in de contacttheorie (Allport, 1954; Pettigrew & Tropp, 2006). Deze theorie stelt dat persoonlijk contact tussen leden van verschillende sociale groepen kan leiden tot minder stigmatisering en vooroordelen (bv. op basis van gezondheidstoestand, herkomst of sociale positie) in uiteenlopende groepen en contexten.
Door interpersoonlijk contact worden stereotypen doorbroken en nemen negatieve gevoelens, zoals angst en bedreiging, af. Tegelijkertijd nemen empathie en perspectiefname toe. Deze emotionele en cognitieve processen vormen belangrijke mechanismen waardoor attitudes positiever worden, niet alleen ten aanzien van de betrokken leden, maar ook ten opzichte van de bredere gestigmatiseerde groep. Het delen van persoonlijke ervaringen kan leiden tot meer begrip en vertrouwen, en draagt bij aan inclusie en gelijkwaardigheid.
Interpersoonlijk contact speelt ook een rol binnen coöperatief leren. Dit is een gestructureerde, didactische werkvorm waarbij een heterogeen samengestelde groep samenwerkt aan een gezamenlijk doel. Ze helpen elkaar en leren van elkaar (Johnson & Johnson, 2018). Deze techniek wordt vaak toegepast in de klas en kan ook bijdragen aan het verminderen van stigma en vooroordelen.
Vergelijkbare/aanvullende technieken
- Empathietraining: mensen stimuleren zich in te leven in de gevoelens, gedachten en perspectieven van anderen.
- Perspectief wisselen: mensen helpen zich te verplaatsen in de situatie of leefwereld van anderen, ook met als doel stigma te doorbreken.
- Inconsistente informatie over stereotypen: informatie of voorbeelden over een doelgroep aanbieden die niet passen bij bestaande stereotypen over deze groep. Dit kan onder andere door mensen in contact te brengen met leden van gestigmatiseerde groepen.
- Bewust reguleren van stereotypen en vooroordelen: mensen aanleren om stereotiepe gedachten en vooroordelen actief te herkennen en bij te sturen. Dit kan in combinatie met interpersoonlijk contact.
- Ongelijkheden verkleinen: structurele maatschappelijke veranderingen realiseren om verschillen tussen groepen te verminderen en gelijke kansen te bevorderen.
Hoe pas je deze techniek toe?
Interpersoonlijk contact vraagt om een zorgvuldige voorbereiding, uitvoering en opvolging. De techniek kan op verschillende manieren worden toegepast: individueel of in groep en fysiek of online. De volgende stappen kunnen worden gebruikt om de techniek toe te passen in de praktijk.
STAP 1: breng het doel, de doelgroep, de setting en het thema in kaart Open
STAP 2: zoek, betrek en ondersteun ervaringsdeskundigen Open
STAP 3: kies een passende contactvorm Open
STAP 4: bepaal het contactkanaal en de context Open
STAP 5: faciliteer het interpersoonlijk contact Open
STAP 6: reflecteer en volg op Open
Bijkomende aandachtspunten Open
Inspirerende voorbeelden
Voorlichting door ervaringsdeskundigen
De Nederlandse Hiv Vereniging verzorgt jaarlijks tientallen voorlichtingen in het hele land waarbij ervaringsdeskundigen informatie geven over hiv. In diverse settingen, zoals onderwijs- en zorginstellingen, delen zij hun persoonlijke verhaal en gaan zij in interactie met het publiek. De persoonlijke ervaring en beleving staan hierbij centraal. De ervaringsdeskundigen zijn hiervoor specifiek getraind. Ook in Vlaanderen zijn vanuit Sensoa freelance ervaringsdeskundigen op pad om voorlichting te geven op scholen.
Campagne Roes(t)
De 2020-2021 jaarcampagne Roes(t) van Te Gek!? en VAD had als doel om de kennis over alcohol-, drug- en gokproblemen bij de Vlaamse bevolking te vergroten en meer inzicht te geven in de complexiteit ervan. De campagne zette sterk in op het bevorderen van bespreekbaarheid en het verminderen van stigma. Eén van de vele projecten binnen deze campagne was de tentoonstelling “Tussen ons: over leven met een verslaving”, met dubbelportretten van ouders en kinderen die spreken over hoe een verslaving tussen hen in kan staan. De tentoonstelling kon in groep worden bezocht, begeleid door een museumgids en een ervaringsdeskundige. De ervaringsdeskundige gaf duiding bij een aantal kunstwerken door meer informatie te geven over het werk, te benoemen wat het kunstwerk bij hem of haar oproept en de persoonlijke ervaringen met verslaving of herstel te delen.
Referenties
- Allport, G. W. (1954). The nature of prejudice. Addison-Wesley.
- Corrigan, P. W., & Kosyluk, K. A. (2013). Erasing the stigma: Where science meets advocacy. Basic and applied social psychology, 35(1), 131-140.
- Eldredge, L. K. B., Markham, C. M., Ruiter, R. A., Fernández, M. E., Kok, G., & Parcel, G. S. (2016). Planning health promotion programs: An intervention mapping approach (4th ed.). John Wiley & Sons.
- Johnson, D. W., & Johnson, R. T. (2018). Cooperative learning: The foundation for active learning. Active learning - Beyond the future, 59-71.
- Knaak, S., Mantler, E. D., & Szeto, A. (2017). Mental illness-related stigma in healthcare: Barriers to access and care and evidence-based solutions. Healthcare management forum, 30(2), 111-116.
- Pettigrew, T. F. (1998). Intergroup contact theory. Annual review of psychology, 49(1), 65-85.
- Pettigrew, T. F., & Tropp, L. R. (2006). A meta-analytic test of intergroup contact theory. Journal of personality and social psychology, 90(5), 751-783.
Auteur: Ellen Van den Haute (Erasmus Universiteit Rotterdam) met medewerking van de werkgroep gedragsinzichten