Voeding

Gezonde en milieuverantwoorde voeding

Secundair onderwijs

Derde graad

Eindtermen

BC 7.11      De leerlingen hanteren aangereikte strategieën om vormen van inspraak, participatie en besluitvorming toe te passen, rekening houdend met de rechten en plichten van iedereen. (2de graad – A stroom, B stroom)BC 7.18 De leerlingen beschrijven concrete situaties met betrekking tot mensenrechten. (2de graad – B stroom)
BC 7.7      De leerlingen onderbouwen een eigen mening over maatschappelijke gebeurtenissen, thema’s en trends met betrouwbare informatie en geldige argumenten (transversaal).
BC 7.9      De leerlingen zijn bereid om zich te engageren in de samenleving. (attitudinaal) (3de graad – A stroom, B stroom)

Leerdoelen

Vaardigheden & attitudes

  • Jongeren kunnen hun standpunt rond een goede verhouding tussen plantaardige en dierlijke voeding verdedigen
  • Jongeren kunnen beargumenteren dat een goede verhouding tussen plantaardige en dierlijke voeding op maatschappelijk, economisch, ecologisch en sociaal vlak gevolgen heeft
  • Jongeren kiezen zelf bewust voor een voedingspatroon met een goede verhouding tussen dierlijke en plantaardige voeding
  • Jongeren kunnen verschillende oplossingen en acties aanreiken waaruit ze kunnen kiezen om te eten en te koken met meer seizoensgebonden (en lokale) ingrediënten
  • Jongeren kunnen hun standpunt rond het duurzaamheidsconcept seizoensgebonden (en lokale) voeding verdedigen
  • Jongeren kunnen aantonen dat milieuverantwoorde voeding (seizoensgebonden (en lokale) groenten/fruit) op maatschappelijk, economisch, ecologisch en sociaal vlak gevolgen heeft
  • Jongeren kiezen zelf bewust voor seizoensgebonden (en lokale) producten

Materialen en methodieken