Meer bankjes en groen: hoe de publieke ruimte ouderen gelukkiger kan maken
Zijn 65-plussers die in een buurt wonen met veel groen gelukkiger dan zij die in een grijze wijk vol beton leven? Hoe belangrijk zijn goede voetpaden en voldoende bankjes voor hun mentaal welbevinden? Noortje Jacobs van de UGent onderzocht het in haar doctoraat.
Postdoctoraatstudente Noortje Jacobs ging in de vijf armste buurten van Gent praten met 65-plussers, in het bijzonder met ouderen met een lagere socio-economische status (SES). “Op die manier wilde ik achterhalen welke invloed de inrichting van de stedelijke omgeving heeft op hun gezondheid”, zegt ze. “Ik heb vooral gekeken naar de kortetermijneffecten, zoals stress of positieve of negatieve emoties die de openbare ruimte veroorzaakt. En dit vanuit het idee dat als je op regelmatige basis veel stress ervaart, dat op lange termijn een negatieve impact kan hebben op de mentale gezondheid.”
Waarom heb je enkel gekozen voor ouderen? Want de publieke ruimte heeft invloed op iederéén, ongeacht leeftijd.
“Omdat die omgeving voor 65-plussers extra belangrijk is. Als mensen met pensioen gaan, beperkt de ruimte waarin ze zich begeven zich immers vaak tot hun woonplaats. Zeker bij ouderen met een lagere SES, die meestal geen eigen wagen hebben om zich buiten hun eigen buurt te verplaatsen. Als mensen fysieke klachten hebben en toch zo lang mogelijk thuis willen blijven wonen, zijn ze ook afhankelijker van die omgeving. Veel rustbankjes en winkels op wandelafstand zijn dan bijvoorbeeld essentieel. We weten ook dat ouderen erg gehecht zijn aan hun eigen buurt. Als ze daar dus kunnen blijven wonen, is dat alleen maar positief voor hun mentaal welbevinden.”
Met welke drempels in de publieke ruimte worden ouderen vandaag geconfronteerd?
“Ik ben met een groep 65-plussers gaan wandelen in hun buurt en dan heb ik gevraagd hoe ze die ervaarden en welke omgevingskenmerken een effect hadden op hun emoties. En daaruit bleek dat er volgens hen te weinig groen aanwezig is in hun buurt. Ook de toestand van de voetpaden werd vaak vermeld. Als die oneffen zijn, is het moeilijker om te wandelen.”
“Bij sommige ouderen was het onveiligheidsgevoel zo groot dat ze bepaalde plekken gingen mijden”
Postdoctoraatstudente Noortje Jacobs
“Ik heb in een andere studie ook een vergelijking gemaakt tussen lage, middel en hoge inkomensbuurten. Vooral in de lage inkomensbuurten was het afval iets waar veel ouderen zich aan stoorden. Ze gaven ook aan dat ze meer bankjes zouden willen in de publieke ruimte, en dan niet alleen in parkjes. Dat is een kleine aanpassing die geen grote investeringen vraagt, maar die er wel voor zorgt dat mensen die minder mobiel zijn zich gemakkelijker te voet zullen verplaatsen, want dan weten ze dat ze onderweg even kunnen uitrusten. In de lage inkomensbuurten waren er ook bezorgdheden rond het onveiligheidsgevoel. Dat had zowel te maken met het overtreden van verkeersregels, zoals te snel rijden, steps op voetpaden, … als met de aanwezigheid van drugdealers of vandalisme in de buurt. Bij sommigen was dat zelfs in die mate dat ze bepaalde plekken gingen mijden. Zo vertelde een dame bijvoorbeeld dat ze niet meer naar het park ging omdat daar groepjes jongeren rondhingen bij wie ze zich onveilig voelden.”
Welke gevoelens kwamen er nog naar boven?
“Naast angst, onveiligheid en frustratie omwille van het afval waren er ook positieve emoties, zoals rust en zich ontspannen voelen in de groene ruimtes. Mensen met een lage SES hebben dikwijls geen tuin, wonen in een klein huis. Voor hen is een openbare plek waar ze tot rust kunnen komen extra belangrijk. Bepaalde plaatsen linkten ze ook aan herinneringen. Die melancholie kwam vaak naar boven, waardoor je opnieuw merkte hoe belangrijk die omgeving toch is.”
“Een groene ruimte stimuleert ook meer dan een drukke straat om fysiek actief te zijn”
Postdoctoraatstudente Noortje Jacobs
Hoe kan de publieke ruimte ons mentaal welbevinden beïnvloeden?
“Het is sowieso aangenamer om naar groen te kijken dan naar een grijze muur. Uit ander onderzoek blijkt dat alleen al de kleur groen een boost kan geven aan het mentaal welbevinden. Het zorgt voor een ontspannen gevoel, ook door geluiden zoals een klaterend fonteintje of vogels die fluiten. Publieke ruimte wordt bovendien gelinkt aan sociaal contact. Als er bijvoorbeeld bankjes zijn, kunnen mensen daar op gaan zitten om bij te praten met iemand uit de buurt. Een groene ruimte stimuleert ook meer dan een drukke straat om fysiek actief te zijn. En beweging heeft op zijn beurt weer een positief effect op ons mentaal welbevinden.”
Ook essentiële diensten, zoals postkantoren en winkels, kunnen de geestelijke gezondheid verbeteren. Op welke manier?
“Uit mijn onderzoek blijkt dat 65-plussers erg teleurgesteld zijn over het verdwijnen van telefooncellen, bankautomaten of lokale winkels. Het is voor hen belangrijk dat die essentiële diensten op wandelafstand zijn omdat dat ervoor zorgt dat ze onafhankelijk zijn en langer thuis kunnen blijven wonen. Het maakt ook dat ze in beweging blijven. Bovendien kunnen mensen met een lagere SES minder makkelijk de nieuwste smartphone kopen om alles online te doen. Ook het sociale contact speelt hier opnieuw mee. Een grote supermarkt is immers helemaal anders dan naar de lokale winkelier of bakker gaan die je persoonlijk kent.”
Kunnen we echt ongelukkig worden van de publieke ruimte?
“Zeker. Mensen die aan een drukke baan wonen, gaven echt wel aan dat ze gestresseerd waren door het verkeer en het lawaai. Dat komt ook uit andere onderzoeken naar voor. Veel lawaai kan je slaap verstoren en je stress verhogen. Het kan interessant zijn om te onderzoeken of elektrische wagens hier een impact op kunnen hebben.”
Wat vond je zelf de belangrijkste conclusie van je onderzoek?
“Het viel me op dat de mensen die ik sprak het over veel dingen eens waren. Het afvalprobleem werd bijvoorbeeld in elke wijk benoemd. Dat kan nochtans makkelijk worden opgelost, door bijvoorbeeld meer ophalingen te doen, bewustwordingscampagnes te organiseren of meer boetes voor sluikstorten uit te delen.”
“Je hoeft niet de volledige inrichting van een stad te veranderen. Door naar de bewoners te luisteren en kleine aanpassingen te doen, kan je al heel wat verbeteren”
Postdoctoraatstudente Noortje Jacobs
Wat kan de overheid nog doen om de openbare ruimte aantrekkelijker te maken?
“Vaak gaat het om kleine aanpassingen. Wat extra bankjes plaatsen kost echt niet veel geld en moeite. Of neem het verkeer. Een snelheidsbeperking van 30 km/u in plaats van 50 kan een groot verschil maken. Ook een eenrichtingsstraat invoeren of met struiken een extra barrière creëren tussen de weg en het voetpad kan veel betekenen. Net zoals meer verkeerslichten en meer straatlantaarns tegen het onveiligheidsgevoel. Je hoeft niet de volledige inrichting van een stad te veranderen. Door naar de bewoners te luisteren en kleine aanpassingen te doen, kan je al heel wat verbeteren. En dat komt niet alleen aan ouderen ten goede. Ik denk niet dat er iemand tegen meer banken is. Of tegen minder afval. Een stadsinrichting klopt pas als zowel een acht- als een tachtigjarige er zich thuis voelt.”
Als jij één ding mocht veranderen aan de publieke ruimte, wat zou dat dan zijn?
“Dan zou ik toch vooral inzetten op meer groen. Er moeten niet per se meer parken komen, maar wel meer creatieve oplossingen. Zoals verticaal groen tegen muren. Dat heeft niet zoveel invloed op de ruimtelijke ordening, maar het kan wel een groot verschil maken. In Nederland hebben ze bijvoorbeeld bushaltes gemaakt met een groendak. Dat ziet er gewoon al veel mooier uit, mensen kunnen eronder schuilen en het biedt verkoeling tegen de zon. Dat is een originele manier om een onaangename ruimte op te fleuren en op die manier een positieve invloed te hebben op mentaal welbevinden.”
Meer lezen over de impact van de omgeving op onze gezondheid’? Neem dan zeker een kijkje op onze pagina's over mentaal welbevinden en publieke ruimte en hoe de publieke ruimte onze gezondheid bevordert.