“Beste patiënt, het zou voor jouw gezondheid echt goed zijn mocht je meer gaan bewegen.” Het is een eenvoudige boodschap, maar ook een krachtige boodschap. En je kan die als arts in theorie meerdere keren per dag uitspreken. Zo’n korte aansporing zet − zonder het concreet te maken en op te volgen − je patiënt niet altijd effectief aan tot meer bewegen.

Van meer willen bewegen …

De attitude en intentie tegenover meer bewegen kan dankzij een eenvoudige, maar belangrijke zin positief veranderen. Toch is één zin zeker niet genoeg. Dat merken ook heel wat artsen: “Het heeft geen nut als ik erover begin, de patiënt is toch niet gemotiveerd.”

… naar het gewoon doen

Maar met de hulp van een Bewegen Op Verwijzing-coach krijg je jouw inactieve patiënten wél in beweging! De coach zal zoeken naar wat jouw patiënt precies motiveert. Samen maken ze een heel concreet beweegplan op. De coach volgt jouw patiënt nauw op en jij blijft op de hoogte via verslaggeving. Hoe zo’n begeleiding eruitziet, kom je hier te weten.

Beeld Dr Jacobs

"Als je het een paar keer gedaan hebt, kost het bij wijze van spreken zelfs geen minuut om de doorverwijsbrief in te vullen, mee te geven aan de patiënt en de gegevens van de coach te noteren. En je weet dat ze goed opgevolgd worden."

Dr. Tom Jacobs

Tijd uit jouw handen

Zo’n begeleiding werkt maar vraagt veel tijd. Tijd die heel wat artsen gewoon niet hebben. Daarom dat je met een warme doorverwijzing naar een Bewegen Op Verwijzing-coach heel wat tijd wint. Een patiënt kan 7 uur individuele coaching krijgen gedurende een eerste kalenderjaar. Meer info.