Meer info over deze techniek

Theoretische onderbouwing

Deze techniek wordt gevormd door verschillende theorieën:

De innovatietheorie (Rogers,1962) stelt dat nieuwe ideeën zich verspreiden via vroege ‘innovators’ die hun ervaringen delen met de doelgroep. Bij gedragsjournalistiek delen rolmodellen hun succesverhalen, als innovators, waardoor ze anderen motiveren om hetzelfde gedrag over te nemen.

De sociaal-cognitieve leertheorie (Bandura, 1997) toont aan dat mensen leren door anderen te observeren. Gedragsjournalistiek laat zien hoe rolmodellen gedrag van anderen en van zichzelf kunnen veranderen. Mensen worden geïnspireerd en krijgen vertrouwen dat zij dit ook kunnen.

De sociale normentheorie (Berkowitz & Perkins, 1986) stelt dat mensen hun gedrag aanpassen aan wat sociaal normaal is. Door positieve en herkenbare verhalen van lotgenoten te horen, versterkt gedragsjournalistiek de sociale norm voor het gewenste gedrag. Hierdoor wordt het voor anderen makkelijker om het gewenste gedrag over te nemen (Cislaghi & Heise, 2018).

Subtypes van de techniek

Gedragsjournalistiek kan op verschillende manieren uitgewerkt worden:

  • audiovisueel: in een korte video of podcast getuigt een rolmodel over zijn of haar weg naar gezonder gedrag. De kijker of luisteraar wordt geraakt door het persoonlijke verhaal, dat herkenbaar en geloofwaardig wordt gebracht;
  • tekstueel: een interview of verhaal wordt uitgewerkt in een artikel, folder of een post via sociale media. Door echte ervaringen neer te schrijven in begrijpelijke taal, wordt het publiek aangemoedigd om ook zelf gedragsverandering te overwegen.

        Vergelijkbare technieken

        • Mass media role-modeling: beide technieken tonen via media mensen die gewenst gedrag stellen om anderen te motiveren. Gedragsjournalistiek focust op echte verhalen en ervaringen van mensen uit de doelgroep, terwijl mass media role-modeling vooral laat zien hoe iemand gewenst gedrag uitvoert en daar positieve gevolgen van ervaart, zonder dat het hele proces van gedragsverandering centraal staat.
        • Mobiliseren van sociale netwerken: beide technieken zetten in op het aanwenden van sociale steun en het versterken van sociale normen. Bij gedragsjournalistiek gebeurt dat via media, bij het mobiliseren van sociale netwerken via het activeren van het eigen netwerk om gezond gedrag te ondersteunen.
        • Entertainment-educatie: beide technieken gebruiken verhalen om mensen te helpen hun gedrag te veranderen door herkenbare voorbeelden en rolmodellen te tonen. Het verschil is dat entertainment-educatie dit doet via fictie en amusement, terwijl gedragsjournalistiek mensen aan het woord laat om hun waargebeurde ervaringen te delen.
        • Persuasieve communicatie: beide technieken maken gebruik van de sociale norm om gedrag te beïnvloeden aan de hand van communicatie. Gedragsjournalistiek doet dit enkel door verhalen van mensen uit de doelgroep te delen, terwijl persuasieve communicatie gebruikmaakt van uiteenlopende overtuigingstechnieken, zoals framing, humor of emotie. Het richt zich niet alleen op sociale normen, maar ook op het beïnvloeden van attitudes, opvattingen, kennis, ...
        • Modeling: beide technieken laten zien hoe mensen hun gedrag aanpassen door het succesvol gedrag van iemand anders te observeren. Gedragsjournalistiek maakt hiervoor gebruik van persoonlijke verhalen die verspreid worden via media, terwijl modeling het gewenste gedrag zichtbaar laat zien, zodat mensen het kunnen nadoen.
        • Mogelijkheden tot sociale vergelijking voorzien: beide technieken laten mensen leren van anderen in gelijkaardige situaties. Bij gedragsjournalistiek delen rolmodellen hun verhaal via media, terwijl sociale vergelijking mensen aanzet om zichzelf te spiegelen aan anderen.

                  Aanvullende technieken

                  • Pleitbezorging via massamedia: beide technieken werken via media om gedragsverandering te realiseren. Gedragsjournalistiek richt zich op het beïnvloeden van de doelgroep zelf, terwijl ’pleitbezorging via media’ de media gebruikt om invloed uit te oefenen op beleidsmakers en omgevingsactoren.
                  • Inzetten van Community Health Workers: beide technieken werken met mensen uit de gemeenschap om gedragsverandering te stimuleren. Gedragsjournalistiek doet dat via herkenbare rolmodellen die hun verhaal delen in de media, terwijl community health workers rechtstreeks in contact staan met de doelgroep om hen op een laagdrempelige en passende manier te begeleiden naar gedragsverandering.

                  Hoe pas je deze techniek toe?

                  Gedragsjournalistiek wordt vooral gemedieerd toegepast naar grotere doelgroepen. Je maakt dan gebruik van massamedia, zoals televisie, sociale media of campagnes of van lokale media, zoals een lokale krant, radiozender of infoblaadje.

                  Inspirerende voorbeelden

                  Getuigenissen over zelfdoding

                  Als onderdeel van de campagne ‘Kom uit je Kop’ deelde het Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie verschillende getuigenissen van mannen die in aanraking kwamen met zelfdoding. In de video’s vertellen ze hoe ze hiermee zijn omgegaan.

                  Getuigenis Imane Boudadi: Stoppen met roken

                  Gedragsjournalistiek Getuigenis Imane Boudadi Stoppen met roken min

                  De getuigenis van Imane op de website van het Vlaams Instituut Gezond Leven vzw is een mooi voorbeeld van gedragsjournalistiek. Daarnaast kondigde ze haar rookstop ook aan op de radio. In haar verhaal deelt ze hoe ze jarenlang rookte en hoe ze uiteindelijk is gestopt. Ze vertelt over haar persoonlijke uitdagingen en wat haar geholpen heeft. Deze verhalen kunnen herkenbaar zijn voor de doelgroep en tonen aan dat gedragsverandering ook voor hen mogelijk is.

                  HIV delen met lotgenoten maakt je sterker:
                  het verhaal van Alex

                  In een campagne van Sensoa vertelt Alex in een filmpje open over zijn leven met HIV en hoe hij daarmee leerde omgaan. Zijn verhaal toont hoe gedragsverandering mogelijk is: van zwijgen en isoleren naar open praten over HIV met vrienden, familie en zorgverleners. En van het vermijden van hulp naar actief op zoek gaan naar ondersteuning. Door die persoonlijke getuigenis als rolmodel, een voorbeeld van gedragsjournalistiek, voelen anderen met HIV zich aangesproken om datzelfde pad te volgen: praten over hun situatie, hulp zoeken en ondersteuning aanvaarden.

                  Referenties

                  • Bandura, A. (1997). Self-Efficacy: The Exercise of Control. Macmillan. Cislaghi, B., & Heise, L. (2018). Using social norms theory for health promotion in low-income countries. Health Promotion International, 34(3), 616–623. https://doi.org/10.1093/heapro/day017
                  • Perkins, H. W., & Berkowitz, A. D. (1986). Perceiving the Community Norms of Alcohol Use among Students: Some Research Implications for Campus Alcohol Education Programming*. International Journal Of The Addictions, 21(9–10), 961–976. https://doi.org/10.3109/10826088609077249
                  • Rogers, E. M. (1962). Diffusion of Innovations. New York : Free Press of Glencoe.

                  Auteur: Fauve Rafaa (Vlaams Instituut Gezond Leven vzw) met medewerking van de werkgroep gedragsinzichten

                  Drijfveren
                  Reflectieve drijfveren
                  Eigen-effectiviteit
                  Attitudes
                  Uitkomstverwachting
                  Doelen en intenties