Rookvrije plaatsen

Passief roken is ontzettend schadelijk voor onze gezondheid. Dat besef is langzaam gegroeid en vanaf de jaren 80 kwam daar meer bewijs voor. Daarom werden bepaalde publieke ruimtes bij wet rookvrij gemaakt. Om passief roken in te dammen, om niet-rokers te beschermen.

Het is ondenkbaar: roken op treinen en vliegtuigen. Ooit was dat normaal. Vandaag is roken op heel wat plaatsen bij wet verboden. Van cafés, restaurants en het openbaar vervoer tot het werk en openbare gebouwen.

Tweedehandsrook en derdehandsrook zijn gevaarlijk

Passief roken of onvrijwillig meeroken gebeurt als niet-rokers tabaksrook uit de omgeving inademen. Dat is tweedehandsrook: een dodelijke cocktail van meer dan 4.000 irriterende stoffen, toxines en kankerverwekkende stoffen. Hinderlijk, maar ook heel gevaarlijk. Voor volwassenen en zeker voor kinderen. Daarom voerde de wetgever een rookverbod in op bepaalde plaatsen. 

Naast tweedehandsrook bestaat er derdehandsrook. Dat zijn de giftige stoffen die blijven hangen in zetels, kleding, stof, de vloer, de oppervlakte … lang nadat de sigaret is gedoofd. Het is een bedreiging voor de gezondheid van baby’s, peuters en kinderen.

Rookvrije plaatsen: waar en waarom?

Vroeger ging het debat over meeroken alleen over publieke omgevingen, vooral publieke binnenruimten. Het ging over het recht van niet-rokers op een rookvrij leven en over het afdwingen, uitbreiden en handhaven van niet-roken op deze plaatsen.

 Vandaag is het debat veel breder. Het gaat nu ook over privé-omgevingen, en over semipublieke (half-)open ruimten, zoals speeltuinen, sportterreinen, pretparken, dierentuinen, open perrons, voetbalstadions … Het gaat over kinderen het goede voorbeeld geven. En over peukenafval.