Focus op voeding, niet voedingsstoffen

Het effect van een voedingsmiddel als geheel is groter dan de som van de voedingsstoffen die het bevat. De klassieke focus op voedingsstoffen, zowel in onderzoek als voedingsadvies, schiet in die zin tekort. Tijd voor een holistische kijk op voeding.

Steeds meer Vlamingen en Belgen lijden aan overgewicht. 48% van de Vlamingen weegt momenteel te veel. 13% van de Vlamingen is zelfs zwaarlijvig. Dat is geen onschuldige evolutie. Een te hoge Body Mass Index (BMI) is een risicofactor voor vroegtijdige sterfte door ziekte en voor een leven met een beperking door ziekte. Overgewicht verhoogt het risico op tal van welvaartsziekten zoals diabetes type 2, kanker en hart- en vaatziekten. 

‘Nutriton transition’

Veel heeft te maken met de overgang van een traditioneel voedingspatroon op basis van weinig of niet bewerkte voedingsmiddelen naar een typisch Westers voedingspatroon rijk aan meer bewerkte, geraffineerde en energierijke voedingsmiddelen. Die kenmerken zich door een hoog gehalte aan calorieën, verzadigde vetten, suiker en zout. Deze overgang in onze eetgewoonten noemen wetenschappers de ‘nutrition transition’.

De nutrition transition maakt een nieuw soort voedingsonderzoek en -advies noodzakelijk.

Een stukje geschiedenis

Sinds de beginjaren (begin 20e eeuw) focust voedingsonderzoek zich op het effect van individuele nutriënten of voedingsstoffen op de gezondheid. Het bekendste voorbeeld is het vastgestelde verband tussen vitamine C en scheurbuik bij zeelui. Voor de verschillende voedingsstoffen (vitamines, koolhydraten, eiwitten, vetten,…) legde men aanbevolen dagelijkse hoeveelheden (ADH) vast. Die waren er vooral op gericht om voedingstekorten te voorkomen.

Na de Tweede Wereldoorlog nam de welvaart echter toe. Er was voldoende voedsel en het aanbod aan bewerkte en kant-en-klare voeding groeide gestaag. Een overdaad aan calorierijke voeding gecombineerd met een minder actieve leefstijl leidde al snel tot een toename van overgewicht en welvaartsziekten zoals diabetes type 2, hart- en vaatziekten en kankers.

Om die nieuwe gezondheidsproblemen te voorkomen en te behandelen, pasten overheden en wetenschappers dezelfde reductionistische methode toe als die in de strijd tegen deficiëntieziekten: men ging op zoek naar de schuldige voedingscomponenten.  

Zijn het de vetten of de koolhydraten?

Als eerste werd vet met de vinger gewezen, onder andere omdat het van alle macronutriënten het meest calorierijk is (9 kcal per gram). Jaren later bleek de nadruk op vetbeperking geen oplossing te bieden. Het aantal mensen met overgewicht verminderde niet, integendeel. Tegenwoordig viseert men vooral suiker en koolhydraten. Getuige hiervan is de populariteit van ‘low carb, high fat’ diëten. Dreigen we niet dezelfde fout te maken?

Beperkingen van reductionistische benadering

Het uitgangspunt dat vooral vet- en calorierijke voedingsmiddelen tot gewichtstoename leiden, blijkt te simplistisch. Dat blijkt uit observationeel onderzoek (Mozaffarian, 2011) naar het effect van bepaalde voedingsmiddelen op het gewicht over een periode van 4 jaar. Wetenschappers stelden bijvoorbeeld vast dat regelmatig noten eten geassocieerd is met gewichtsverlies en dat (volle) melk en kaas een neutraal effect hebben.

De focus op calorieën en individuele nutriënten (de zogenaamde reductionistische visie) schiet dus tekort in de aanpak en preventie van obesitas en andere voedingsgerelateerde welvaartsziekten. Deze benadering houdt immers geen rekening met ruimere aspecten dan de nutritionele samenstelling. Twee voorbeelden hiervan zijn verzadiging (hoe snel en hoe lang krijgt iemand een vol gevoel) en consumentengedrag (bv. iets vervangen door of compenseren met andere voedingsmiddelen). 

Verwarring

Ook in de communicatie over voeding naar het algemeen publiek werkt de focus op voedingsstoffen verwarrend. Begrippen zoals calorieën, koolhydraten, vetten, vezels of vitaminen zijn weinig tastbaar. Wie kan zijn of haar dagelijkse vet- of suikerinname correct opvolgen en inschatten?  

Tot slot laat de focus op één of enkele nutriënten producten soms gezonder lijken dan ze zijn. Denk bijvoorbeeld aan de aanduiding ‘bron van vezels’ op een doos koekjes. 

Vullen of voeden? 

Biedt de reductionistische benadering nog voldoende houvast in tijden van overvloed? Het antwoord is dubbel. Enerzijds blijven we behoefte hebben aan essentiële voedingsstoffen zoals vitaminen, mineralen en eiwitten. Voedingsmiddelen die het meest bijdragen aan een overmatige calorie-inname en het ontstaan van overgewicht zijn dikwijls arm aan belangrijke voedingsstoffen. Ze vullen onze magen maar voeden ons lichaam niet. Het blijft dus belangrijk om aandacht te hebben voor een adequate opname van voedingsstoffen. Maar, om de opmars van welvaartsziekten te counteren is er meer nodig.

Naar een ruimere visie op gezonde voeding

Het effect van een voedingsmiddel als geheel is groter dan de som van de nutriënten die het bevat. Dat blijkt onder meer uit onderzoek (Jacobs Dr. Jr., 2009) naar de opname van vitaminen en mineralen via supplementen ten opzichte van inname via voeding. 

Steeds vaker is er in onderzoek ook aandacht voor een meer holistische visie, die gezonde voeding bekijkt op het niveau van voedingsmiddelen en -patronen. Daarbij is onder andere de ‘verpakking’ waarin de nutriënten vervat zitten (de voedselmatrix) van belang. Ook interacties tussen de verschillende componenten, de fysieke structuur van het voedsel en andere eigenschappen (bv. de capaciteit om water vast te houden) spelen een rol. Deze eigenschappen kunnen veranderen door onder meer bewaartechnieken en bewerkingen die voedsel ondergaat.  

Appel vs. appelsap

Voedingsmiddelen kunnen met andere woorden uit gelijkaardige componenten bestaan, maar toch een ander effect op je gezondheid hebben, door een verschil in structuur en fysiologische effecten. Een appel eten is iets anders dan het sap van die appel drinken. Als je de appel in zijn geheel eet zal je bijvoorbeeld veel sneller verzadigd zijn. 

Nog ruimer dan naar voedingsmiddelen, kijkt modern-holistisch voedingsonderzoek ook naar voedingspatronen en hun verband met chronische ziekten. Het Mediterrane dieet is waarschijnlijk het meest onderzochte. Ook andere leefstijlfactoren zoals beweging, slaap en tv kijken worden steeds vaker meegenomen.

Holistische Visie

Nieuwe voedingsdriehoek

Conclusie: een holistische visie op gezonde voeding vormt een broodnodige aanvulling op de klassieke nutritionele benadering. Overgewicht en  andere voedingsgerelateerde aandoeningen vragen een nieuw voorlichtingsconcept, eentje dat verder kijkt dan alleen voedingstoffen zoals vet of koolhydraten. Bovendien is advies op niveau van voedingsmiddelen en -patronen veel duidelijker en tastbaarder voor de consument dan communiceren over voedingsstoffen en calorieën.

Duidelijkheid

De nieuwe Voedingsdriehoek weerspiegelt mooi die nieuwe manier van denken en communiceren. De driehoek stelt drie eenvoudige uitgangspunten van een gezond en duurzaam voedingspatroon voorop: 1. Eet in verhouding meer plantaardige dan dierlijke voeding. 2. Vermijd ultrabewerkte voeding zo veel mogelijk. 3. Verspil geen voeding en matig je consumptie. Duidelijk, toch?

Meer weten?