BMI berekenen

De Body Mass Index (BMI) drukt de verhouding uit tussen je gewicht en lengte. Je berekent je eigen BMI als volgt:

BMI= gewicht (kg) / (lengte (m) x lengte (m))

Op basis van het cijfer dat tevoorschijn komt, weet jij (als volwassene) in welke categorie je thuishoort:

Bereken je BMI

Resultaat BMI (kg/m²) Gewichtstoestand Advies

Lager dan 18,5

Ondergewicht

Probeer wat aan te komen. Volg hierbij de adviezen bij de voedings- en de bewegings driehoek en/of doe beroep op professionele hulp. *

Tussen 18,5 en 25

Gezond gewicht

Probeer op gewicht te blijven. Volg hierbij de adviezen bij de voedings- en de bewegings driehoek en/of doe beroep op professionele hulp. *

Tussen 25 en 30

Overgewicht

Probeer af te vallen (of zorg in elk geval dat je niet verder aankomt). Volg hierbij de adviezen bij de voedings- en de bewegings driehoek en/of doe beroep op professionele hulp. *

Hoger dan 30

Obesitas

Probeer af te vallen. Doe hiervoor beroep op professionele hulp. *

*Vraag raad aan je huisarts of doe beroep op een diëtist voor voedingsadvies of een coach van Bewegen Op Verwijzing voor bewegingsadvies.

Heb jij een BMI tussen 18,5 en 25? Dan betekent dat niet automatisch dat je evenwichtig eet en voldoende beweegt. Het omgekeerde geldt ook: mensen met (licht) overgewicht eten niet per definitie ongezond. Fixeer je dus niet op je BMI of het getal op de weegschaal. Besteed in de eerste plaats aandacht aan evenwichtige voeding, beweeg voldoende en beperk lang stilzitten. De tips bij de voedings- en bewegingsdriehoek helpen je op weg! 

Van onder- tot overgewicht en obesitas

Je BMI is maar een van de parameters die vertelt of je gewicht goed zit. Je houdt best ook rekening met je lichaamssamenstelling: je vetpercentage en waar het vet zich situeert in je lichaam. De middelomtrek is hiervoor een goede bijkomende parameter. 

De BMI is bruikbaar voor mensen tussen 19 en 59 jaar (behalve bij zwangerschap en borstvoeding). Voor kinderen en jongeren wordt beroep gedaan op groeicurven en bestaan er aangepaste BMI-tabellen. 

Ook voor oudere mensen (> 65 jaar) is de BMI geen goed beoordelingsinstrument, want hun lichaamssamenstelling verandert, zoals de spiermassa die daalt. Hiernaast neemt de lengte af met zo’n 1 à 2 cm per decennium waardoor de BMI toeneemt. De grenswaarden voor ouderen liggen hierdoor hoger dan bij volwassenen. Voor 65-plussers ligt een gezonde BMI tussen 23-28 kg/m². Bij ouderen spreken we van een ondergewicht en een toegenomen sterfterisico bij een BMI < 23 kg/m² met onvrijwillig gewichtsverlies. Overgewicht (BMI 28-33) bij 65-plussers gaat niet gepaard met een toegenomen risico, wel bij een BMI > 33 kg/m² (obesitas). 

Voor het detecteren van (risico op) ondervoeding bij ouderen worden de volgende grenswaarden gehanteerd:

Ouderen

BMI (kg/m²)

Voedingstoestand

Tot 65 jaar

< 18,5

Ondervoeding

 

< 20

Matig (risico op ondervoeding)

Ouder dan 65 jaar

< 20

Ondervoeding

 

< 23

Matig (risico op ondervoeding)

Twijfel jij of de BMI ertoe doet voor jou? Vraag dan raad aan je huisarts, diëtist, of coach van Bewegen Op Verwijzing.